Home » We willen een hond » Een Nederlandse of buitenlandse hond?

Een Nederlandse of buitenlandse hond?

 

Ik hoor heel veel tegenstanders van buitenlandse honden vaak roepen dat het asiel in Nederland vol
zit met honden en dat we er dan toch nog uit het buitenland gaan halen.
Ik kan één ding met klem ontkrachten en dat is dat het asiel misschien wel vol zit maar niet met leuke
gezinshonden. Er zitten in de Nederlandse asielen veel vechthonden, veel honden die genomen zijn
en waar volledig verkeerd mee om is gegaan waardoor de hond totaal verknipt is en soms zelfs
gevaarlijk is.
Er zitten zeker ook leuke honden in het asiel maar die zijn over het algemeen heel snel weg.
Ik heb een half jaar lang een onderzoek gedaan naar alle asielen in Nederland. Ik zocht een leuke
gezinshond die goed met kinderen overweg kon. Verder gingen mijn eisen niet. Ik kon per maand
kiezen uit ongeveer 10 tot 12 honden. De volgende maand zocht ik al deze honden op en waren ze
allemaal geplaatst en hadden ze een baas. Ik heb dat een half jaar gedaan, twee keer per maand en
ik kan dus echt zeggen dat een leuke gezinshond vaak niet langer dan een maand in het asiel zit,
enkele grote honden uitgezonderd die zaten soms twee maanden maar over het algemeen zijn de
leuke gezinshonden binnen een maand weg.
Dat betekent dat veel mensen mis grijpen in hun zoektocht naar een hond en uitkomen bij de wat
duurdere fokkers of in de broodfok waar teefjes aan de lopende band pups moeten produceren.

Daarin vervullen dus de buitenlandse honden een grote rol. Heel veel mensen willen geen rashond
voor veel geld maar gewoon een leuke huishond.

Mijn mening is dat je dan 100x beter een hond uit
het buitenland een goed leven kan geven dan een hond uit de broodfok halen waar de fokker vaak
niet om zijn honden geeft en waar de oudere honden verwaarloosd en mishandeld worden en alleen
pups mogen produceren.


Binnenlandse hond


De binnenlandse honden vinden we als pup vaak bij de fokker, als volwassen hond vaak in het asiel of
via een particulier. Daarnaast zijn er nog stichtingen die bepaalde rasgroepen opvangen voor mensen
die er niet meer voor kunnen zorgen of bepaalde rasgroepen bemiddelen waarbij de hond nog bij zijn
baasje thuis zit.
Het is net wat je zelf wil. Ik heb een stukje terug in het boek een lijstje gegeven waarin je kunt kijken
of je te maken hebt met een goede fokker of een goed asiel. Een nadeel bij een particulier kan zijn
dat ze niet helemaal eerlijk zijn omdat de hond zo snel mogelijk weg moet en een nadeel bij
stichtingen die bepaalde rasgroepen herplaatsen kan zijn dat ze de hond niet zo goed kennen. Over
het algemeen kun je bij allemaal prima terecht voor een leuke hond waarbij mijn voorkeur dan
uiteraard uitgaat naar een herplaatser, maar dat is een keuze die je zelf moet maken.
Als je kiest voor een pup bij een fokker is het nog belangrijk te weten dat er heel veel doorgefokte
honden bij de fokkers zitten, dus honden die lichamelijke of geestelijke afwijkingen hebben. Ook dat
is wel even belangrijk om daarop te letten en de fokker er naar te vragen.


Buitenlandse hond


Buitenlandse honden komen vaak binnen via stichtingen die samenwerken met asielen in het
buitenland. Er is op dit moment een wildgroei aan stichtingen (2018) en daar zitten hele goede maar
ook hele slechte tussen. Ook hiervoor kun je het lijstje weer gebruiken wat ik eerder in het boek heb
gegeven.

Bij de buitenlandse hondjes zitten vaak nog de leuke vuilnisbakjes zoals je die vroeger ook in
Nederland had, leuke gezinshondjes bij uitstek. Ga er bij een buitenlands hondje alleen wel vanuit
dat ze niet zo gesocialiseerd zullen zijn als dat ze dat bij de Nederlandse fokkers zijn. Een goede
fokker gaat zijn hondjes als heel vroeg socialiseren en in het buitenland worden ze vaak uitsluitend
verzorgt en opgevangen Voor socialisatie is niet of nauwelijks tijd.


buitenlandse ziektes
Bij buitenlandse honden kun je te maken krijgen met de middellandse zeeziektes zoals wij die
noemen. Op de meeste van deze ziektes kan de hond getest worden en negatief getest betekent ook
dat hij de ziekte niet heeft. Een uitzondering daarop is de leishmania of leishmaniose. Deze ziekte

heeft een incubatietijd van maar liefst 7 jaar en kan dus 7 jaar nadat de hond getest is nog steeds
actief worden. Leishmania wordt veroorzaakt door een parasiet die in het beenmerg huist. Op het
moment dat de hond daadwerkelijk ziek wordt is deze parasiet uit het beenmerg gekomen en zwerft
hij door het lichaam. Als dit snel geconstateerd wordt is de ziekte met levenslange medicatie goed
onder controle te houden.
Het is dus wel belangrijk dat als je een buitenlandse hond neemt , je vraagt of deze hond getest is op
deze ziektes. Als je echter een pup uit het buitenland neemt die kan niet getest worden op deze
ziektes omdat ze de antistoffen van de moeder nog dragen. 9 maanden na de geboorte is het
mogelijk een hond te testen.


Tegenwoordig zijn er echter laboratorium testen waarmee de leishmania wel goed getest kan
worden. Als de laboratoriumtest uitwijst dat de hond geen leishmania heeft hoef je daar ook niet
meer bang voor te zijn. Maar deze testen zijn vele malen duurder dan de zogenaamde snap testen en
worden nog lang niet door iedere stichting gebruikt. Je kunt echter voordat de hond naar Nederland
komt wel vragen of ze een laboratoriumtest willen doen in plaats van een snaptest.


Buitenlandse “gedragingen”


Een straathond heeft vaak niets geleerd en met name de honden uit het oostblok zijn eerder overal
weggetrapt dan dat ze liefde hebben gekregen. Dat houdt in dat veel buitenlandse honden slecht
gesocialiseerd zijn met mensen en dan met name de Oostblok honden. Dit is natuurlijk wel erg
allemaal over 1 kam scheren want er zijn talloze verhalen van Oostblok honden die het super doen
maar een groot gedeelte van hen is angstig en bang daar moet je wel mee willen en kunnen dealen.
Honden uit landen als Frankrijk, Spanje en Portugal hebben vaak maar korte tijd op straat gezworven
voordat ze in het asiel kwamen, maar die hebben vaak het probleem dat je eten niet kan laten staan
omdat ze geleerd hebben alles wat eetbaar is te stelen. Daarnaast hebben ze vaak in een klein gebied
gewoond en daarna in het asiel dus dan zijn heel veel dingen eng. Ze kunnen bijzondere angsten
hebben zoals voor een stok, of kranten etc. Veel mensen gaan daarbij uit van mishandeling hiermee,
echter vaak is het de lengte, het geritsel of iets wat ze eng vinden en is het zaak om ze daarmee om
te leren gaan


Herplaatser of asielhond


Je kunt tal van herplaatshonden vinden als je de tijd neemt om te zoeken en rond te kijken.
Herplaatsers vind je in het asiel maar er zijn ook diverse rasgroepen die een herplaatsings stichting
hebben en die voor hun honden een plaatsje zoeken en last but no least de organisaties die
buitenlandse honden naar Nederland halen. Als je dus op zoek bent is er een compleet oerwoud wat
je moet doorzoeken om misschien de juiste hond tegen te komen. Daarbij zijn wel een aantal dingen
van belang.
Waarom wordt de hond herplaatst of zit hij in het asiel?
Dat is een vraag die je altijd moet stellen. Want als de hond problemen heeft of als er niets bekend is
van de hond ga je deze hond dan kunnen handelen. Zorg dat je zoveel mogelijk informatie over de
hond te weten komt en dat hoeft niet altijd achtergrond te zijn als de achtergrond niet bekend is is
het wel prettig te weten hoe hij in het asiel op allerlei zaken reageert.

 

Ben ik bereid te gaan dealen met de problemen die de hond heeft


Zoals al een aantal keren eerder aangegeven is de kans groot dat de hond ongewenst gedrag krijgt op
het moment dat hij bij jullie thuis is. Als er dan ook nog problemen worden beschreven in de opvang,
het asiel of door de particulier waar je naar de hond gaat kijken, ga je dat handelen.
Neem dan ook nooit een hond per direct mee, ga kijken bij de hond, laat je informeren over de hond
en neem dan afstand door naar huis te gaan en er eerst eens een nachtje over te slapen en door de
voors en tegens op een rijtje te zetten. Zolang de hond zich op zijn allerbest tegen je aan vleit en je
overlaadt met kusjes en knuffels kun je geen rationele beslissing nemen. Neem dus afstand en zet
alles op een rijtje


Ben ik bekend met probleemgedrag en wat kan ik zelf aan


Ook om die reden neem je afstand en ga je na het bezoek aan de hond naar huis en ga je serieus
onder de loep nemen of je bekend bent met het gedrag, of je bereid bent de puzzel op te gaan lossen
en welke hulp je eventueel inschakelt indien nodig.
Zorg voor een goede hondenschool in de buurt, praat er eens over met hen, welke hulp zij je kunnen
bieden en neem dan een beslissing die in het belang van de hond en van jullie gezin is

 

Keer terug naar Welke hond